Hier word je nu boos om. De ‘integrale’, alsjeblieft. Deze bundels worden enkel gekocht door liefhebbers, vergeet het maar dat je hiermee een echt nieuw publiek aanboort. Vandaar: doe het dan meteen goed! Neen, gaan ze even een deel uit de beginfase van de Ragebol-periode negeren en zeker niet hierin opnemen. Vóór de strips waren er de educatieve natuuruitjes. En natuurlijk vergt dat opzoekingswerk voor een vertaalde editie (waarvan waarschijnlijk het oorspronkelijke reproductiemateriaal niet meer voorhanden is. Compleet is deze integrale dus allesbehalve. Verzoen je je met dit gebrek, stel je al via het dossier vast dat dit toch wel een zeer mooie, bijzonder intimistische en persoonlijke strip is die zweeft tussen droom en werkelijkheid. Het dossier verdiept zich in de ontstaansgeschiedenis en legt deels de ziel van elk verhaal bloot. Als dit je niet meteen zinneprikkelt om te ontdekken? Over De droom van de walvis: “Toch eigenaardig dat ik me zo goed voel in deze stad. Ik voel me als een vis in het water. Hihihi!” Het memorabele begin van een unieke ‘reeks’. De surreële ziel van België vervat in 46 pagina’s. Een onverklaarbaar schouwspel waar je naar moet kijken, een gegeven dat je moet ondergaan waarbij je je compleet moet laten onderdompelen in dit magisch-realistische avontuur. Als in een droom, de grens tussen realiteit en fantasie vervaagt, hoewel je alles via Ragebol in het echt beleeft. En voor wie nog altijd smacht naar een verklaring: het onderbewustzijn is zo’n diepe grot waar je als psygeoleoog heerlijk kan verdwalen. In Magrittes universum kan je ook alle kanten uit. En toch leidt de zoektocht naar de graal Ragebol naar Cath, twee zielsverwanten die elkaar vinden. Mooi, poëtisch en met een hart van goud. Frank Pé maakt onderdeel uit van de nieuwe Dupuis-lichting. Je had al Wasterlain en Benn met een veel lossere stijl, Hislaire (Frommeltje en Viola), André Geerts (Inspecteur Martens) en Frank doen daar nog een schep bovenop zonder experimenteel te zijn. Het realisme gecombineerd met de zeer karikaturale figuren, de magie werkt. Duik mee in De droom van de walvis. Over De beeldhouwers van het licht: Frank en Bom leunen aan bij het magisch-realisme, want ondanks door de mens zelf aangebracht (zowel de fabriek in aanbouw als de lichtkristallen) is het de interactie met de natuur die voor dat ene, unieke, magische moment zorgt dat quasi slechts één keer in een mensenleven voorkomt. Veel verklaringen geven de auteurs uiteindelijk niet om de aanslag concreet te situeren. Dit kan onmogelijk het werk van René zijn die alles in het werk stelde om het geheim te ontwarren. Of was het net wel René die alsnog wil verhinderen dat massatoerisme deze sacrale plek zou ontheiligen? Kijk mee naar De beeldhouwers van het licht, ze zorgen voor meer dan een glinstering. Ze schitteren! Over De nacht van de kat: Bom en Frank pakken het veel simplistischer aan. Geen After hours of Into the night waarbij de hoofdpersoon via een dominoeffect in maffiatoestanden terechtkomt. Dit is doodeenvoudig: je kat die op een onbewaakt moment even geniepig uit je appartement glipt. Een zoektocht gedreven door angst voor verlies en het daarbij gepaarde schuldgevoel. Ragebols korte reis brengt hem op onbekend terrein in de eigen buurt en levert hem een coming of age-ervaring op. Wat zo’n onschuldig beestje al niet kan bewerkstelligen terwijl het dier zich natuurlijk van geen kwaad bewust is. De nacht van de kat, stripperfectie. Over Onder twee zonnen: Frank Pé gebruikt Ragebol en Catherine als gids om ons doorheen het exotische Japan te loodsen. Deze magische reisfolder geeft een stukje ziel van het Nippon-land bloot met haar rijzende zon. Erg realistisch, openbarend in al zijn eenvoud met een vleug spiritualiteit. Zelfs voor iemand die niet bijgelovig is, kan hij/zij de ware ik terugvinden. Of toch zijn/haar partner. Frank is zo’n sfeerschepper en kan met zijn pennenstreken (al moet de kleuraanvulling van Topaze evenzeer in de verf gezet worden) Afrika in het tweede luik van het album weergeven. Frank is zo’n gelukzak om zijn reiservaringen te verzilveren in stripvorm. Een getekende reportage met een vleug esoterie. Wie (her)vindt wie? Onder twee zonnen, iets te zweverig, maar wel efficiënt verhelderend als reisgids. Over Een faun op je schouder: heeft Frank geestesverruimende middelen gebruikt om dit geestesverruimende verhaal over de innerlijke herbronning en de zoektocht naar de verloren connectie tussen mens en natuur te bewerkstelligen. Ongetwijfeld niet, gezien de tijd die je moet besteden om zo’n 48 pagina-strip te realiseren. De trance waarin de auteur zich bevindt levert bevrijdende inzichten op, niet enkel voor de ingesloten stadsmens. Openbaar je faun die zich op je schouder nestelt en laat hem jou zachte, lieve, optimistische woorden influisteren zodat je gewapend bent voor al het leed en onheil in de wereld. Iets te boodschapperig gebruikt Frank het medium strip om Timothy Leary-gewijs love and peace te verkondigen, met de duidelijke boodschap om toch omzichtig om te springen met hetgeen ons omringt. En eigenlijk is Ragebol, zelf een poeet, daar wel een uitstekend instrument voor. Het mooiste stuk is Een muzikale natuur (platen 6 en 7) wanneer Frank op visuele wijze zijn notenbalk componeert en ritmisch laat voortbewegen. Zelfs de berken lijken ivoren piano’s van bovenaf gezien.

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *