Net iets meer dan tweehonderd krantenpagina’s met telkens een flard Marc Sleen op één van de in zijn – al dan niet in zijn volledigheid – afgedrukte bladzijden. Voor wie wil duiken in het verleden en zich een katholiek beeld wil vormen van het begin van de jaren vijftig uit de twintigste eeuw, bijt je tanden er alvast niet op stuk. Toch vrees je dat dit slechts voer is voor de Marc Sleen-fan die Pollopof herleest zoals het oorspronkelijk verscheen (in kleur op dat vergeelde papier zou nog mooier zijn). Op het einde duikt Oktaaf Keunink voor het eerst op.
28-10-2020

6/10

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *